Info

uk flag

Algemene Beschouwing 2011

Algemene beschouwingen 2011, zoals uitgesproken door Mariëlle van Kooten in de raadsvergadering van 25 oktober 2011

 

Geachte aanwezigen,

Voorzitter,


Ik wil u voorstellen aan Tim en aan Hannah. Tim is evenzogoed Omar als Youssef, Hannah heet wellicht Simon of Niels en Simon of Niels is wel of niet autistisch.

Tim en Hannah zijn hoogopgeleid en werkzaam in de kennissector. Delft noemt Tim en Hannah kenniswerkers.

Tim en Hannah zijn in Delft komen te werken en hebben nog geen expliciete voorkeur voor wat betreft woonlocatie.

Delft wil kenniswerkers Delftenaar kunnen noemen. Kenniswerkers kopen en verblijven in de stad waar zij wonen en geven een deel van hun inkomen uit in de Delftse winkels, musea en horeca. Op die manier genereren kenniswerkende Delftenaren inkomsten voor de stad.

Nu is het zo dat er per begroting over de komende aantallen jaren stukken beleid zullen worden weggestemd. Dat is niet altijd erg. Richting de structurele 34 miljoen euro zal dat per stukje beleid een meer pijnlijke afweging betreffen.

De afwegingen die wij met elkaar over de komende jaren zullen gaan maken kleuren Delft.

Het Delft van STIP is een potente stad die haar toekomst maakt, ook voor Delftenaren die die toekomst minder makkelijk zelf kunnen maken. Combiwerk betrekt mensen met een beperking bij de maatschappij. Delft kent 15 buurthuizen en op termijn een crisisopvang voor zwerfjongeren. Het Rijk kort op de OGGZ en de gemeente neemt ook op andere vlakken taken over maar niet het bijbehorende budget. Het blijven zijn van een sociale stad kost heel veel geld. Er is een financieel stabiele gemeente voor nodig.

Om dat te zijn moet Delft ervoor zorgen dat wordt gebouwd aan een toekomstvaste economie. Vanavond wil ik daarom met u van start gaan met het doorlopen van een aantal vestigingsvoorwaarden. Vestigingsvoorwaarden op grond waarvan kenniswerkers en met hen bedrijven in de technologische sector Delft als vestigingsplaats kiezen.



Kopen Tim en Hannah een huis in Delft?

Welk huis? De Delftse woningmarkt is niet in evenwicht. Op meerdere manieren wordt buiten en vanuit de raad geprobeerd om de bouw van starterswoningen en duurdere koopwoningen te versnellen. Binnen die segmenten loopt Delft niet op schema, ook omdat er eigenlijk nooit een schema is geweest. Daarbij geldt dat de gemeente niet bouwt. De gemeente faciliteert en is daarmee afhankelijk van derden. Wel houdt Delft een vorm van regie op ontwikkelingen, onder andere met de stadsbouwmeester, die zelf als ambitie heeft geformuleerd om de stad een beetje mooier te willen maken.

Waar en hoe wil Delft ontwikkeling van woningen faciliteren? Op zulke grote schaal keuzes maken heeft grote financiele consequenties. Dat moet je durven en Delft gaat dat doen. De taak van de raad: helder blijven denken en op een gegeven moment durven kiezen. Op weg naar de herfasering van de woonvisie kiest STIP voor een nadruk op starterswoningen en op duurdere koopwoningen, juist ook in de Spoorzone.

De Spoorzone verbindt Delft-Oost en –West. Het totaal aan verbindende wegen noemen we infrastructuur. Daar zet je liefst regionaal op in. Binnen die regionale infrastructuur wil je als stad niet te boek staan als ‘knelpunt’. Je wilt dat die infrastructuur naar, om en in Delft soepel in elkaar steekt.

Hoe maak je optimaal gebruik van je huidige infrastructuur? Is verkeer beter te managen? Steeds vaker wordt het verkeersconcept Shared Space toegepast: regelgeving is meer logisch dan perse aangegeven, omdat er goed is nagedacht over hoe bijvoorbeeld een kruispunt is opgebouwd. Snelverkeer en langzaam verkeer delen de openbare ruimte. Weggebruikers worden gedwongen om rekening te houden met elkaar en dat betekent socialer en veiliger verkeersgedrag. ‘Neem maar mee, die verkeersborden in de binnenstad - die hebben we hier niet nodig.’, zegt Hannah.

De toekomst is aan het openbaar vervoer. In die toekomst vormen de Delftse stedenbaanstations belangrijke knooppunten. Delft Centraal is het toegankelijke Delfts’ icoon en juist ook station Delft University is goed bereikbaar per openbaar vervoer, per people mover en per fiets.
Beide stations zijn toegerust met voldoende fietsenstallingen. Zaak is om op korte termijn middelen vrij te spelen vanuit onze eigen begroting en vanuit de begroting van het Rijk om duizendtallen meer stallingsplaatsen te realiseren dan in de huidige plannen zijn vastgelegd.

Tim reist meerdere malen per week naar klanten buiten Delft. Met ingang van 2017 fietst Tim ’s ochtends door een overzichtelijke Barbarasteeg en zet Tim zijn fiets in de onbetaald bewaakte fietsenstalling op het stationsplein. Hannah zégt vervent autogebruiker te zijn maar wordt binnen Delft steeds vaker op de fiets betrapt - een gezonde en milieuvriendelijke manier van verplaatsen die bovenal vaak sneller is, want Delft is comfortabele fietsstad. ZOEF-routes, fietsstraten, aparte fietsstroken, rood asfalt en tweerichtingsfietsen lokken de Delftenaar uit de auto en zetten ‘m op de fiets. De kwaliteit van fietspaden moet op orde zijn. Teveel hobbels en gaten maken het minder aantrekkelijk om te fietsen. In 2017 zijn de resterende ontbrekende schakels in het Delftse fietsnetwerk aangelegd - zo ligt er met de Gelatinebrug een nieuwe Oost-West verbinding Schieoevers-Delfgauw. Delft kent een volledig, veilig en comfortabel fietsnetwerk.



Hannah is huurder in het doorgroeigebouw op bedrijventerrein Science Port Holland. Het doorgroeigebouw biedt haar gedeelde en daarmee betaalbare labruimte en effectieve netwerkmogelijkheden. Hannah heeft ergens volgend jaar een gesprek met de ontwikkelaars van de Delftse Science Port over de ontwikkeling van een eigen pand op het terrein. Hannah is daarom gespitst op ontwikkelingen die een spoedige aanleg van de tramlijn naar het terrein en over de campus mogelijk maken. Sinds een aantal weken weten we in ieder geval weer over wat voor brug tramlijn 19 over de Schie gaat rijden. Aan beide kanten van die Schie worden as we speak rails geplaatst. Delft zet in op het verhelpen van bottlenecks vóór ze bottleneck zijn – dus, hoeveel kost het om CCL te bewegen om de linksaffer naar voren te schuiven in de planning?

Delft ruikt naar gist maar meer nog naar techniek, naar vruchtbare bodem. De proeftuinman plant techniek in fysieke ruimte. De Delftenaar gebruikt de openbare ruimte, dus gebruikt projecten, is onderdeel van projecten en van techniek. Heb je daar nou een speciaal persoon voor nodig, om dat te regelen? Ja, eigenlijk wel. Je wilt dat de proeftuinman projecten signaleert, vastpakt, en er binnen de gemeente voor gaat lopen. Stel de stad actief beschikbaar als proeftuin.

Binnen de muren van instellingen als het Reinier de Graaf Gasthuis wordt er al geproeftuinierd. We noemen dat Medical Delta, we bedoelen de geniale combinatie zorg en techniek – de begroting barst van projecten die binnen de financiele kaders passen maar qua rendement ver buiten de begroting schieten, denk aan de incontinentiepleister Salusion. Toegepaste kennis ten gunste van de stad en haar inwoners!



Buiten reguliere werktijden heeft Tim wel iets met Guus Meeuwis, maar hoort liever nog een Delfts geluid in eigen stad. In Delft is cultuur zichtbaar op straat, zegt hij. Hij houdt van de culturele uitspattingen in steegjes, op pleinen, op zomaar een weekendje podium in Delft. Daarnaast vindt Tim de praktische toepassingsmogelijkheden van keramiek eigenlijk wel ‘hip’ - Delft heeft een inspirerende niche gevonden en combineert historie met techniek en met innovatie en creativiteit.

Welke functie heeft een bepaald stukje cultuur en welk stukje gesubsidieerde cultuur wil je waarom behouden? Het is verdomd moeilijk om het belang van Delftse cultuur onomstotelijk aan te tonen. Wat we wel weten is dat culturele spelers om een stukje betrouwbaarheid vragen, anders gaan ze niet voor je lopen. Als de gemeente de culturele spelers finaniceel gezien opdraagt om te focussen op hun individuele kerntaken, kan diezelfde gemeente niet vragen om toch vooral mee te denken en mee te doen. Juist door te investeren in verbindingen behaalt Delft een groter resultaat dan wanneer we de spelers apart blijven zetten en niet inspireren tot samenwerking. Een cultureel netwerk heeft tijd nodig om opgebouwd te worden en moet een beetje gevoed worden, toch juist door een Cultuurjaar of, bijvoorbeeld, een cultuurbalie. Hoe zorg je dat verbintenissen in de creatieve industrie in stand worden gehouden? De gemeente biedt een nodige stukje regelmaat op financieel of op praktisch ondersteunend vlak en is daarmee cultureel aanjager.

Taak van alle culturele instellingen en initiatiefnemers, ook de Delftse, is vervolgens om op een toegankelijke manier kwaliteit te bieden, om de nieuwsgierigheid en ontwikkeling van het publiek te stimuleren. De cultuur van de cultuur: leg uit wat je doet, waarom je dat wilt doen en zoek daar draagvlak voor.



De leven-dige Delftse binnenstad, één van de podia van onze culturele spelers, is de huiskamer van Delft. De huiskamer heeft historische waarde maar staat niet stil. Het is er schoon, soms vies, en snel weer schoon. De huiskamer huisvest gebeurtenissen, en gebeurtenissen maken geluid. Er zijn winkels, woningen en woningen boven winkels.

Delft is verder de stad zonder kaders en zonder de voor een overheid gebruikelijke slag om de arm. Delft zegt geen wachttijden te willen kennen en deelt beschikbare informatie.

In Delft mag je het biertje voor onderweg ook onderweg drinken. Delft ziet geen heil in handhavingsacties bij het station en besluit om de reiziger de reiziger te laten.

Delft erkent dat vergunningaanvragen in voorkomende gevallen onnodig zijn en wanneer daar vraag naar is, gaan de gebouwen buiten de binnenstad de hoogte in. Om onder andere bouw van studentenhuizen te versnellen is er in een voorkomend aantal gevallen sprake van een verlaagde parkeernorm bij ontwikkelingen. Als je op voorhand weet dat je niet mag parkeren, neem je ook geen auto. Zo werkt het.



Wat ook werkt is de technische Delftse duurzaamheid. De duurzame toekomst die wij hier met elkaar aan het neerzetten zijn snijdt juist ook een sector aan Europese investeringen aan waar Delft meer aanspraak op moet  kunnen maken dan nu gebeurt.

Tim is praktisch ingesteld en gelooft in technische ontwikkeling, juist ook omdat hij zelf technisch ontwikkelt. Tim heeft een flink aantal ideeën up his sleeve en kent een flink aantal andere mouwen waar ideeën inzitten.

De Delft Energy Club pompt er projecten uit – kan je met het Delftse grondwater energie opwekken? Hoeveel Delftse daken kunnen er blauw?

In Delft wordt op verschillende plekken groots ontwikkeld. Ontwikkelen moet duurzaam, anders loop je jezelf op een gegeven moment achterna, laten we eerlijk zijn.
In de duurzame wijk is de straatverlichting slim en worden gebouwen die warmte uitstoten gekoppeld aan gebouwen die warmte verbruiken. Er is een tankstation voor duurzame brandstoffen en een intelligent afvaltransportsysteem dat afval wegsluist door buizen in de grond. Met ingang van 2017 plugt de Delftenaar z’n elektrische auto in in de parkeergarage Spoorsingel.



De Delftse daken duurzaam blauw, parkeernorm 0 bij voorkomende ontwikkelingen en een cultuurbalie als centraal punt voor culturele spelers? Actief gebruik van de openbare ruimte als testgrond voor technische ontwikkelingen, onbetaald bewaakt fietsparkeren op het stationsplein en geen verkeersborden in de binnenstad? ‘Wacht op de toekomst!’, zegt Hannah.
‘Delft is de toekomst,’, antwoord Tim.



Tim en Hannah zijn kenniswerkers, maar zijn met name twee van vele Delftenaren. Voor elk van onze burgers maken wij hier en nu een stukje toekomst - blijf denken en durf te kiezen.



Dankuwel.